Sinds september spelen reservekapitein Tijmen Dokter en luitenant-generaal b.d. Mart de Kruif de voorstelling Veldheren Historisch. De redactie van de Militaire Spectator bezocht de voorstelling en had een gesprek met de hoofdrolspelers in een kleedkamer van het Isala Theater in Capelle aan den IJssel. Dat ging over het spelconcept, het generatieverschil en de stelling dat de geschiedenis zich herhaalt, of juist niet. Met humor en ernst nemen Dokter en De Kruif hun publiek mee. Slagen zij daarbij in hun opzet?
Duiding in onzekere tijden
‘Aan de reactie van het publiek merken we dat zij soms meer Veldheren Live in de oude vorm verwachten, waarbij Peter van Uhm en ik een verhaal vertelden’, zegt de Kruif, ‘terwijl deze voorstelling meer een verhalend theaterstuk is met iets minder interactie met de zaal. We zijn een drietal dagen bezig geweest om de voorstelling vorm te geven. Het werkt van een iets luchtiger begin naar een serieus einde toe. Na de voorstelling begeven we ons onder het publiek en dan krijgen we dat soms ook te horen. Dat vinden we niet negatief, integendeel.’

Mart de Kruif en Tijmen Dokter: de voorstelling Veldheren Historisch gaat duidelijk ook over het heden. Foto Corti Media
Volgens Dokter zitten er altijd mensen in de zaal met een mening over het heden: ‘Misschien zijn zij bang of onzeker en komen ze naar de voorstelling om te horen wat Mart en ik daar over zeggen. Ze willen handvatten of duiding en onze mening horen over de vraag of het oorlog wordt of niet en wat ze dan zouden moeten doen. De voorstelling heet wel Veldheren Historisch, maar het gaat heel duidelijk ook over het heden’. ‘De behoefte aan duiding in onzekere tijden is er beslist’, beaamt De Kruif. ‘We horen meermaals dat we mensen een Denkzettel hebben meegegeven’. Mensen aan het denken zetten is wat De Kruif en Dokter willen bereiken. ‘Er komen mensen naar ons toe die naar de KMA willen, maar ook voormalig dienstplichtigen, veteranen en reservisten zoeken het contact. Sommigen vertellen ons uitgebreid hun eigen verhaal’, aldus De Kruif. Sinds de voorstelling in september van start ging hebben Dokter en De Kruif hem aangescherpt, mede door de recente ontwikkelingen op het geopolitieke wereldtoneel. ‘Toen wij begonnen was Groenland geen thema’, zegt Dokter, verwijzend naar de onrust veroorzakende, expliciete wens van de Amerikaanse president Donald Trump om dat eiland in te lijven. Premier Schoof had zich overigens best krachtiger mogen uitspreken in de kwestie-Groenland, ‘want er is echt iets aan de hand’, vult De Kruif aan.
Humor en improvisatie
In de voorstelling zit een flinke scheut humor. Is humor een wapen? De Kruif: ‘Ik heb in Afghanistan veel heftige dingen meegemaakt, maar er ook veel gelachen. In extreme omstandigheden is humor belangrijk’. Dokter noemt humor een coping mechanism, dat mensen helpt om te gaan met emoties. ‘In de geschiedenis zitten veel grappige verhalen en serieuze thema’s in onze voorstelling slaan beter aan als er iets luchtigers tegenover staat. De lach en de traan, dat doen we met opzet, om het einde van de voorstelling beter binnen te laten komen. Het heeft geen zin het publiek onder een lawine van ellende te bedelven en ze de hele avond te laten somberen.’ ‘We werken wel bewust naar het einde toe, want de boodschap komt beter door als er een contrast is’, zegt De Kruif.
De voorstelling biedt beide spelers ook de nodige ruimte voor improvisatie. Zo zegt Dokter: ‘Ik weet nooit wat Mart gaat vertellen op een avond. Er kan ineens een nieuwe anekdote of een nieuw verhaal komen. We merken ook dat de mensen in de zaal de actualiteit volgen, dus als er vandaag iets gebeurt, krijgen we daar morgen een vraag over. Dat het script niet vaststaat maakt het leuker, zeker als het interactie met de zaal oplevert. Hoe de zaal zal reageren? Daar is geen peil op te trekken. Wel heb je bijvoorbeeld meer veteranen in de zaal in een stad als Assen en in Amsterdam staan we in de VU Griffioen en dat is allemaal jong volk, want die komen ook.’ Dokter noemt het zijn vak als theatermaker om zijn rol iedere avond opnieuw te spelen en zijn uiterste best doen om het verhaal zo goed mogelijk te vertellen: ‘Elke keer als Mart zegt dat hij optimistisch is, moet ik verbaasd zijn en de pessimist spelen.’

Mart de Kruif noemt de gebruikte vier fasen in de militaire geschiedenis een opzettelijke ‘simplificatie van de werkelijkheid’. Foto Corti Media
De vier fasen van de militaire geschiedenis
In de voorstelling, die nog tot 18 juni 2026 loopt, verdelen Dokter en De Kruif de militaire geschiedenis in vier opeenvolgende fasen. De Kruif noemt die indeling ‘een simplificatie van de werkelijkheid’, maar met opzet zo gekozen om de ontwikkeling naar de totale oorlog en kernwapens te benadrukken. ‘Het moeilijkste in het theater is wel om het simpel te houden’, zegt hij. Dokter vult aan: ‘Het heeft voor ons op het toneel geen zin te vertellen welk regiment bij Waterloo precies waar stond en wat voor munitie er verschoten werd. De mensen bij ons in de zaal willen iets weten over militaire geschiedenis en wat we er vandaag de dag mee moeten. We moeten inkorten en wegsnoeien om tot de kern te komen van wat we willen vertellen.’ ‘Geschiedenis is uiteindelijk verhalen vertellen’, zegt De Kruif.
Het concept van twee generaties
Tijmen Dokter (1993) is historicus, theatermaker en reservist en heeft net als De Kruif (1958) podcasts gemaakt voor de producent van de voorstelling, Corti Media. ‘Mart wilde nog een keer het theater in, maar dan met iets historisch. Daar moest dan wel iemand bij die iets met geschiedenis, defensie en theater heeft. Zo zijn we bij elkaar gaan zitten en hebben gekeken hoe we ons tot elkaar verhouden. Mart is dan de oude vos die alles al heeft meegemaakt, ik ben jong, groen en kom net kijken. Ik ben reservist, maar ben nooit op missie of uitzending geweest. Mart wel. Ik heb de boekenkennis, Mart heeft de ervaring. Hij is met FLO, maar als er nu op de knop gedrukt wordt, zal ik naar Litouwen moeten.’ ‘En tussen ons mag het best schuren, dat is goed’, merkt De Kruif op. Dokter: ‘Op een zeker moment komt in de voorstelling de letterlijke vraag: wordt het oorlog of niet? Mart toont zich de optimist en denkt dat de ratio zal winnen, ik ben de pessimist die denkt dat het oorlog wordt. We spelen dat bewust uit om het contrast tussen onze generaties te laten zien’. Dokter speelt de jonge dertiger die worstelt met twijfel en angst en het publiek daarvan deelgenoot maakt. ‘In de voorstelling twijfel ik, maar voor mezelf heb ik de keuze al lang gemaakt, anders was ik geen reservist geworden’. Mocht het er op aankomen, dan weet Dokter, die het Defensity College deed en al zo’n zeven jaar reservist is, dat hij kan worden ingezet, in Litouwen of elders. Vrijblijvend binnengekomen als student wil hij nu zijn verantwoordelijkheid nemen.

Reservist Tijmen Dokter: ‘Als er nu op de knop gedrukt wordt, zal ik naar Litouwen moeten’. Foto Corti Media
Raak schieten
De vraag die altijd met geschiedenis samenhangt is of er lessen uit zijn te leren. Maar doen militairen, politici of de samenleving dat ook? ‘Wij zijn heel goed in het identificeren van te leren lessen’, zegt De Kruif, ‘maar we zijn heel slecht in het toepassen. Dat komt voor een deel door behoudendheid: is de oorlog van nu wel representatief voor de volgende oorlog? We hebben daarnaast alles heel centralistisch georganiseerd bij Defensie. Toen ik C-LAS [Commandant Landstrijdkrachten, red.] was hadden we een groep van 30 mensen voor beleid in Den Haag, los van personeel en materieel beleid. Nu lopen er 400 mensen rond, terwijl het beleid van Defensie simpel is: raak schieten. Daar zijn niet zoveel mensen voor nodig. In Oekraïne zien we dat innovatie van onderaf komt en niet van bovenaf. De organisatiestructuur die wij hebben zouden we in de toekomst niet moeten willen. Lessons learned zitten vaak op het tactische niveau, maar wat het betekent voor leiderschap benoemen we liever niet.’ De Kruif is slecht te spreken over de reorganisatie bij Defensie van 2011: ‘Dat is ongelooflijk dom geweest, want het opstarten van capaciteiten die wegbezuinigd zijn, kost nu vier keer zoveel geld. Kijk bijvoorbeeld naar de opgeheven Marine Luchtvaart Dienst. We hadden beter drie vliegtuigen bij de Duitsers kunnen onderbrengen, die hetzelfde toestel hadden. Je behoudt dan de kennis en dat is nuttig als de wereld verandert. Dat evalueren we dus niet. De tactiek en de operaties op de grond evalueren we, maar hoe de bedrijfsvoering is geweest niet. Van het conceptuele, de organisatiestructuur, blijven we liever weg.’ Hij noemt nog meer voorbeelden uit de geschiedenis: ‘In WO2 zat Nederland nog volledig in de Eerste Wereldoorlog. De Nederlandse krijgsgeschiedenis heeft wel degelijk innovaties voortgebracht, zoals het creëren van de functie van de onderofficier. Op dit moment zijn in het conceptuele en bij innovatie van onderaf grote stappen te zetten, en dat heeft te maken met onze definitie van leiderschap. Dienend leiderschap betekent dat je succes wordt bepaald in de klei of in de lucht of door de mensen op het schip. Maar niet door de mensen achter een bureau.’ De Kruif zegt dat de politiek hem recentelijk ‘positief verbaasd’ heeft. ‘Tien jaar geleden was defensie een non-onderwerp, en als je daar minister werd had je iets fout gedaan binnen de partij. Dat het totaal veranderd is verbaast mij echt. Oekraïne, Gaza en Trump hebben een enorme impact op de maatschappij.’
De vlag op het gebouw
In krijgsgeschiedenis zitten naast allerlei ontwikkelingen ook de nodige constanten. ‘Je zult altijd worden aangevallen waar je zwak bent, in welke dimensie dan ook. Dat is Clausewitz en een tijdloze waarheid die niet verandert’, zegt De Kruif, die het publiek tijdens de voorstelling overigens aanraadt het boek van de Pruisische generaal niet te lezen. ‘Oorlog is ook nog steeds een veredeld landje-pik, want zo kunnen de Russen Pokrovsk niet veroveren als hun vlag niet op het gemeentehuis wappert. En wie van Starlink kan profiteren, heeft een voordeel op het slagveld. En waarom moest het Israëlische leger de Gazastrook in? Van afstand kunnen ze immers ook prima doelen onder vuur nemen.’ Nieuwe ontwikkelingen maken het militaire vak volgens hem wel veel ingewikkelder en uitgebreider. Oekraïne heeft laten zien dat zij met drones de Russen veel verliezen kan toebrengen, terwijl Rusland de Oekraïense wil om te vechten probeert te breken door energievoorzieningen te bestoken. ‘Dat Elon Musk als individueel burger-ondernemer de oorlog met zijn Starlink-satellietnetwerk kan beïnvloeden, past in het concept van de totale oorlog: je gebruikt alle machtsmiddelen van de staat en de industrie is er daar een van. Dat een individu daarin zoveel macht heeft is een nieuwe dimensie die destabiliserend werkt.’
De geschiedenis herhaalt zich. Onzin of niet?
Dokter zegt dat de geschiedenis zich nooit letterlijk, nooit een-op-een, herhaalt, maar patronen van menselijk gedrag en bepaalde elementen daarin wel. ‘Het verleden is het enige wat we hebben om de toekomst in te gaan. Als geschiedenis zich niet herhaalt, betekent dat nog niet dat we niet van het verleden zouden kunnen leren.’ De Kruif: ‘We beginnen de voorstelling met opzet met een voorbeeld uit de geschiedenis dat sterk op de bestorming van het Capitool in Washington in 2021 lijkt. De boekverbrandingen van de nazi’s in 1933 staan wat mij betreft gelijk met de situatie in een hotel in het zuiden van de Verenigde Staten nu, waar je alleen nog Fox News kunt kijken omdat CNN van de kabel is gegooid. De grondslagen zijn hetzelfde. Geschiedenis kan mensen ook voor de gek houden. De uitspraken van de Britse premier Chamberlain in 1938 waren volgens sommigen het begin van het einde, maar het was eerder het einde van het begin. In 1936 riep onze minister-president Colijn nog: ga maar lekker slapen. Geschiedenis en hedendaagse gebeurtenissen zijn nooit precies hetzelfde, je zult altijd de nuance moeten zoeken.’

‘Geschiedenis en hedendaagse gebeurtenissen zijn nooit precies hetzelfde, je zult altijd de nuance moeten zoeken’. Foto Corti Media
Zijn Nederlanders gevechtsbereid of enkel slaven van social media?
De Kruif vraagt in de voorstelling aan de zaal wie er gevechtsbereid is. ‘Vorige week kwam daar het enig goede antwoord op: dat weet je pas op het moment dat het aan de hand is’, zegt Dokter. ‘Als het dichtbij komt verandert je houding. Kijk naar de burgers die in Kyiv barricades opwierpen toen de Russen er in 2022 aan kwamen. Er kwamen lange rijen bij aanmeldbureaus. Waren die mensen drie dagen eerder gevechtsbereid? We weten het niet. Ik heb wel zoveel vertrouwen in de Nederlandse samenleving dat wanneer het echt zo ver zou komen, de gevechtsbereidheid groter zal zijn dan nu uit opiniepeilingen blijkt.’ Volgens De Kruif leggen Nederlanders het accent te veel op dingen die niet goed gaan. ‘Als je kijkt hoeveel mantelzorgers en vrijwilligers er in Nederland zijn, terwijl we de focus leggen op wat er niet goed gaat. Dat is ook een mediastrategie om onrust te creëren.’ In de voorstelling komt de Duits-Amerikaanse Joodse filosofe Hanna Ahrendt enkele keren voorbij en ook hier verwijst De Kruif naar haar: ‘Ze zei: gooi heel veel informatie en leugens de media in en mensen kunnen geen onderscheid meer maken tussen wat waar en niet waar is. Dat is nog steeds aan de hand. De technieken van Rupert Murdoch werden vroeger ook al vaak gebruikt. Daar is niets nieuws aan.’ Beeldvorming kan hardnekkig worden door herhaling. ‘Veel mensen denken nog steeds dat Napoleon een klein dik mannetje was, omdat de Engelsen ooit die karikatuur van hem maakten.’
Op social media dook een clipje op waarin Prinses Beatrix reservist wordt, met een ingelast stukje waarin De Kruif in beeld komt en zogenaamd over ‘rollator-reservisten’ praat. De Kruif: ‘Dat is volledig gemaakt met kunstmatige intelligentie, en het is wat het is. Naarmate er meer AI komt zullen mensen wantrouwiger worden of iets wel waar is’. Dokter denkt dat het ook kan doorslaan naar een toestand waarin niemand nog iets gelooft, terwijl De Kruif geen filmpjes van het front in Oekraïne meer kijkt’, ‘want er is te veel manipulatie’. Dat nieuwsredacties tegenwoordig met fact checkers werken juichen zij allebei toe.
Veldheren Historisch is een opmerkelijke theaterervaring, een voorstelling die aanzet tot nadenken en zelfreflectie. Een toeschouwer vat de voorstelling bij het verlaten van de zaal samen als ‘interessant, onderhoudend en beangstigend’. Dat is precies het Denkzettel dat Dokter en De Kruif hem mee wilden geven.