‘Farcical’, zo beschreef de CIA-directeur het Israëlische plan voor regime change en een volksopstand in Iran, zoals die door de Israëlische premier Netanyahu aan de Amerikaanse president Trump werd gepresenteerd. Toch lanceerde de Amerikaanse Commander-in-Chief enkele dagen later Operation Epic Fury, en werd Iran aangevallen. Ayatollah Ali Khamenei werd gelijk uitgeschakeld (lees vermoord), samen met een groot deel van zijn familie. Ruim een week later werd zijn zoon Mojtaba Khamenei benoemd als de nieuwe geestelijke leider. Al is het door het Witte Huis als een succesvolle regime change gekwalificeerd, nopen de omstandigheden van de transitie wellicht niet tot een meer gematigd regime. De geplande volksopstand is uitgebleven. Een tweede belangrijk Amerikaans-Israëlisch doel was het vernietigen van het Iraanse kernprogramma. In juni 2025 werd dat nog beschreven als ‘totally obliterated’; in februari 2026 bleek het weer een existentiële, imminente dreiging. Ettelijk decennia waarschuwt Netanyahu dat Iran op het punt staat een kernwapen te bemachtigen; een nieuwe betekenis gevend aan het woord ‘imminent’. Nog steeds houdt Iran kilo’s verrijkt uranium ergens verborgen, iets waar het overigens gewoon recht op heeft volgens het Non-proliferatieverdrag. Tot slot kwam er nog een nieuw strategisch doel voor de Amerikanen bij: het heropenen van de Straat van Hormuz, een van de slagaders van de wereldeconomie. Voor de aanvang van het conflict was de zeestraat gewoon open; nu is het hervatten van het scheepsverkeer belangrijker dan het realiseren van oorspronkelijke doelstellingen.    

Het idee was natuurlijk dat de klus binnen enkele dagen zou zijn geklaard, zoals bij Venezuela. Ruslands president Putin dacht dit in februari 2022 immers ook bij zijn grootschalige inval in Oekraïne. Maar het liep anders. Slechte inlichtingen, zwakke plannen maar vooral de neiging om de eigen propaganda te geloven speelden een rol. Iran is jarenlang door westerse media als een karikatuur van het kwaad afgebeeld. Het theocratische regime is inderdaad ondemocratisch, executeert oppositieleden en onderdrukt vrouwen en minderheden. Kenmerken die overigens onverminderd gelden voor andere landen in de regio, maar zij investeren in onze economie en zijn bondgenoten. Het Iraanse regime steunt terreurgroep Hezbollah, al vergeten wij dat deze groep pas is ontstaan na de verwoestende Israëlische aanval op Libanon in 1982, destijds door president Reagan beschreven als een Holocaust in een gesprek met de Israëlische premier. Iraniërs zijn niet vergeten dat het Verenigd Koninkrijk en de VS in 1953 een staatsgreep instigeerden die hun democratisch gekozen regering omverwierp. De Iran-Irak Oorlog (1980-1988) is eveneens in het collectieve geheugen gegrift. Toen gebruikte Irak op grote schaal gifgas (Iran heeft dit uit principe nooit gedaan), terwijl de wereld de andere kant op keek. Afgelopen decennia was Iran geïsoleerd en onder sancties – in feite losgekoppeld van de wereldeconomie – wat nu een strategisch voordeel blijkt. Een eerlijkere kijk op de geschiedenis had een beter begrip van Iraanse standpunten, intenties en hun incasseringsvermogen gegeven.   

Op de eerste dag van de aanval tegen Iran werd een school in Minab getroffen, waarbij 168 kinderen omkwamen. Sindsdien zijn tientallen ziekenhuizen vernietigd, scholen, historisch erfgoed, universiteiten en zelfs een synagoge. Allemaal lastig te rijmen met het motto dat het regime de vijand is, en niet het Iraanse volk. En het zijn natuurlijk oorlogsmisdrijven. Iran sloeg terug door Amerikaanse basissen en radars in de Perzische Golf te vernietigen, en de olie en gasinfrastructuur van de Golfstaten te verwoesten. De eerste dagen was er veel aandacht voor de gestage afname van Iraanse drone- en ballistische raketaanvallen. Uiteindelijk bleken hun voorraden raketten, en het vermogen deze te beschermen tegen Amerikaanse-Israëlische luchtaanvallen, veel groter dan verwacht. Daarentegen ging de eigen voorraad interceptoren (zoals THAAD en Patriot) er sneller doorheen dan gehoopt. Ondanks het volledige luchtoverwicht van de VS en Israël blijkt Iran na vijf weken nog lang niet militair verslagen. Geholpen door geografie, jarenlange voorbereidingen en een decentrale commandostructuur kunnen zij, behoudens de bezetting van meer dan duizend kilometer kuststrook, voorlopig de Straat van Hormuz blijven controleren.

Het is een aforisme dat het altijd makkelijker is een oorlog te beginnen dan te beëindigen, maar dit conflict is extra complex doordat de strategische belangen van de VS, Israël en Iran uiteenlopen. Iran is recent twee keer plotseling aangevallen en is voornemens zijn agressoren dusdanig pijn te doen dat er voorlopig geen derde keer komt. Het lijden wordt echter door anderen gedragen; juist het afknijpen van Hormuz en de vernietiging van de petro-infrastructuur van de Golfstaten zou volgens Teheran de VS tot de-escalatie moeten dwingen. Een akkoord sluiten is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. De VS hebben het vorige akkoord eenzijdig opgezegd, en Israël heeft de neiging om onderhandelaars te vermoorden. Voor Iran gaat het dus om afschrikking en vertrouwensopbouw. Israël wil de strijd het liefst zo lang mogelijk voortzetten, en de VS betrokken houden in het conflict. Het einddoel voor Tel Aviv is niet zozeer regime change, maar een permanent verzwakt en verwoest Iran – liefst zonder regime (of in een burgeroorlog) – zodat het nooit meer een bedreiging vormt voor Israël. Voor Trump is een stap terug eveneens lastig. In tegenstelling tot bij Groenland of de handelsoorlogen is een eenzijdige TACO (Trump Always Chickens Out) hier onmogelijk, omdat Iran Hormuz dicht kan blijven knijpen. Dus het wordt water bij de wijn, of eerst grondoperaties – waarschijnlijk alsnog gevolgd door water bij de wijn.

De oorlog met Iran – en inmiddels ook de invasie van Libanon – was onnodig, is duidelijk in strijd met het internationaal recht en de onbedoelde neveneffecten zullen velen malen groter zijn dan de geplande effecten. Ten tijde van het schrijven van deze column lijken de aandelenkoersen en de olietermijnmarkten (niet de spotmarkten) nog relatief onbezorgd – met dank aan manipulatie en enkele spectaculaire gevallen van handel met voorkennis (‘Barron, is that you?’) – maar dit kan zomaar veranderen. Alles wijst erop dat de wereldeconomie wordt getroffen door inflatie, tekorten, een recessie of zelfs depressie. Voor Europa zijn enkele zaken van belang. Ten eerste moeten we ons niet laten afleiden van Oekraïne. De oorlog in Iran zorgt voor grote geopolitieke verschuivingen, maar de veiligheid in Europa begint in Kyiv. Ten tweede wordt al jaren gesproken over Europese strategische autonomie. Wellicht wordt het tijd om eindelijk actie te ondernemen, want de (interne) druk op de NAVO blijft toenemen. Europa wilde niet betrokken zijn bij de oorlog tegen Iran, maar krijgt wel een groot deel van de rekening gepresenteerd. Enige reflectie bij de heropbouw van Europese krijgsmachten is ook op zijn plaats. Bij inkoop gaat de oude stelling ‘het beste wapensysteem voor de beste prijs’ niet meer op. Landen die Patriots of Tomahawks hadden besteld zijn geïnformeerd dat hun leveranties aanzienlijk vertraagd zijn; eerst moeten de Amerikaanse voorraden worden bijgevuld. De aanschaf van Israëlische wapens is inmiddels ook een politiek risico geworden. De Europese en Oekraïense wapenindustrie is meer dan voldoende om in de eigen noden te voorzien. De crisis in het Midden-Oosten kan verder escaleren; een tragedie voor de bevolkingen ter plekke. Maar ook voor de instigatoren, die geopolitieke en economische krachten hebben ontketend die niet meer te controleren zijn.

Over de auteur(s)

Mr. dr. Sergei Boeke

Sergei Boeke is Politiek Adviseur bij het Joint Support and Enabling Command.