Het is waarschijnlijk de ultieme droom van menig inlichtingenanalist: de gedachten van Vladimir Poetin kunnen lezen. Toch is dat in zekere zin wat Beatrice de Graaf (hoogleraar Geschiedenis van de Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht) en Niels Drost (analist en Rusland-expert bij Clingendael) proberen te doen in hun boek, Poetins tsaristische droom. Hun methode: bestudering van alle toespraken – en dat zijn er vele duizenden – die de Russische president sinds zijn aantreden in 2000 heeft gehouden. Het resultaat: een fascinerend inzicht in hoe hij de afgelopen jaren, met de geschiedenis van Rusland in de hand, steeds verder radicaliseerde, met de huidige oorlog in Oekraïne als voorlopig hoogte- (of diepte)punt.  

 

Invalshoek

Over Poetin en wat hem bezielde om Oekraïne binnen te vallen hebben deskundigen de afgelopen jaren al het nodige geschreven. Vaak kiezen auteurs hierbij een specifieke invalshoek. Zo verklaren sommigen het gedrag van Poetin vanuit machtspolitiek. Anderen laten zien dat het Poetin en zijn entourage vooral om macht en geld gaat. Hoewel De Graaf en Drost benadrukken dat deze invalshoeken stuk voor stuk relevant zijn, richten zij zich op een dimensie die in hun ogen in het Westen vaak over het hoofd wordt gezien, namelijk die van religie en ideologie. Wat zij aan de hand van de toespraken van Poetin laten zien, is dat zijn missie met Rusland steeds meer een ‘heilige missie’ is geworden. Een goed begrip van deze religieus-ideologische dimensie is niet alleen essentieel om uitspraken te kunnen doen over het verdere verloop (en einde) van de oorlog in Oekraïne, maar ook voor de vraag hoe wij ons in het Westen kunnen verdedigen tegen de hybride oorlog die Rusland tegen ons voert. 

 

Poetin realiseerde zich al vroeg dat Rusland behoefte had aan een nieuw verhaal. Het land was na de ineenstorting van de Sovjet-Unie zowel in economisch als spiritueel opzicht failliet. Een nieuw verhaal was nodig om een nationale identiteit te creëren en het gevoel van trots te herstellen. Poetin gebruikte hierbij de rijke Russische geschiedenis, met tsaren als Peter de Grote en Ivan de Verschrikkelijke, als inspiratiebron. Ook omarmde hij de orthodoxie als pijler van het nieuw te vormen verhaal. Dit verhaal diende een binnenlands doel, maar zou ook een instrument worden in het Russische buitenlandbeleid. 

 

‘Existentiële onvrede’

Interessant is dat de auteurs aan de hand van Poetins toespraken laten zien dat hij de geschiedenis aan het begin van zijn presidentschap juist inzette als instrument om de banden met het Westen te versterken. Zo benadrukte hij dat Rusland en Europese landen, maar ook de VS, op belangrijke momenten in de geschiedenis gezamenlijk optrokken. Een bekend voorbeeld hiervan was de strijd tegen nazi-Duitsland. Ook de eenwording van Duitsland was niet mogelijk geweest zonder de medewerking van Rusland, zo stelde Poetin vast. 

 

Maar al vrij snel veranderde zijn toon. Dat kwam doordat Poetin zich, ondanks zijn uitgestoken hand, niet serieus genomen voelde. De auteurs stellen kritisch vast dat deze ‘existentiële onvrede’ die Poetin ervoer in het Westen destijds onvoldoende is opgemerkt. Hoe dan ook, al vrij snel ging Poetin diezelfde geschiedenis steeds meer als wapen gebruiken. De toon van zijn toespraken werd grimmiger. Dit werd versneld door de zgn. kleurenrevoluties in landen die Rusland tot zijn invloedssfeer rekende, waaronder in Georgië (2003). Poetin zag hierin de hand van het Westen dat hiermee Rusland probeerde te verzwakken. Met een beroep op de geschiedenis stelde Poetin dat Georgië altijd onderdeel is geweest van het Russische Rijk, en dat de Russische bemoeienis met dat land (Rusland zou het land in 2008 binnenvallen) dus gerechtvaardigd was.

 

Gaandeweg kreeg het historische narratief ook steeds meer religieuze trekken. Gebruikmakend van oude symbolen ging Poetin zichzelf steeds meer als politiek én religieus leider zien. De auteurs staan in dit verband stil bij het begrip ‘kacheton’. Deze term komt uit de bijbel en betekent ‘bedwinger’. Het gaat hier om een passage uit de bijbel over het Einde der Tijden, oftewel de tijd die voorafgaat aan de terugkeer van Christus. De satan zal dan – zo luidt de bijbeltekst – ‘rondgaan als een briesende leeuw, zoekende wie hij zou mogen verslinden’. Tot die tijd was een kacheton nodig; iemand die de chaos zou kunnen bedwingen. Die rol werd in het vroege christendom toegekend aan de keizer van het Romeinse Rijk. Russische ideologen gingen deze term steeds echter meer op Poetin betrekken. Het idee van Poetin als kacheton komt niet uit de lucht vallen, maar borduurt voort op het idee dat Rusland na de neergang van het Byzantijnse Rijk de erfgenaam zou zijn van het Romeinse Rijk en daarmee de hoeder van het christendom is. Dit christendom moet beschermd worden, in het bijzonder tegen de ‘satanische’ invloeden van het Westen, waaraan ook Oekraïne ten prooi dreigde te vallen.

 

De vraag of Poetin dit soort ideeën zelf ook echt gelooft wordt door de auteurs niet eenduidig beantwoord. Aan de ene kant stellen ze dat dit verhaal vooral onder ultranationalistische influencers leeft en door de orthodoxe kerk wordt omarmd. Poetin maakt er vooral gebruik van omdat het zijn doelen dient, waar ze aan toevoegen dat het voor een deel ook wel met zijn eigen overtuigingen zal overlappen. Enkele pagina’s verderop stellen ze echter dat Poetin wel degelijk is gaan geloven in zijn heilige roeping als ‘bedwinger van de chaos’.  Hoe dan ook, vast staat dat een aanzienlijk deel van de Russische bevolking dit gedachtegoed serieus neemt. 

 

Kan het radicaliseringsproces van Poetin en dat van de Russische samenleving (de auteurs spreken van ‘massaradicalisering’) gestopt en zelfs ongedaan gemaakt worden?  En moeten we bang zijn voor het apocalyptische eindstrijdscenario, vol met nucleair wapengekletter, waar Poetin en zijn entourage herhaaldelijk op hebben gezinspeeld? 

 

‘Ideologisch tegenoffensief’

De auteurs schetsen meerdere opties hoe de nabije toekomst eruit zou kunnen zien. De meest sombere – een nucleaire vernietigingsslag – hangt samen met het scenario waarin Rusland ‘verpletterend’ wordt verslagen. Dit scenario wordt echter als zeer onwaarschijnlijk ingeschat, wat misschien verklaart waarom de auteurs hier verder niet al te veel woorden aan vuil maken. Toch is dit enigszins onbevredigend. Het probleem hierbij is ten eerste de term ‘verpletterend’, waardoor de optie van een meer geleidelijke nederlaag van Rusland buiten beeld blijft. Toch is dat, gelet op de recente ontwikkelingen aan het front, geen ondenkbaar scenario. Ten tweede omdat een nucleair ‘Armageddon’ – hoe moeilijk voorstelbaar dat misschien ook is – op zichzelf best goed past bij het eschatologische, apocalyptische narratief waarin Poetin zelf als kacheton figureert. Wat nu als hij dit narratief en zijn rol volstrekt serieus neemt? 

 

Het is hoe dan ook duidelijk dat deze ideologische dimensie eventuele onderhandelingen zal bemoeilijken. De auteurs wijzen dan ook op het belang van een ideologisch tegenoffensief. Ze zien daarbij ook een rol voor het Westen, dat dan wel iets moet doen aan de ‘ideologische blindheid’ waaraan het lijdt. Of dat gaat lukken is nog maar de vraag. Mede dankzij decennia van secularisatie is religie voor velen hier iets vreemds geworden.

 

Het boek van De Graaf en Drost is in meerdere opzichten van grote waarde. Ten eerste omdat het op overtuigende wijze laat zien dat ideologie en religie ertoe doen, ook bij de grote geopolitieke vraagstukken van deze tijd. Daarnaast ligt de waarde van het boek in de methodiek. Na de Russische inval in Oekraïne woedde in veel landen discussie over de vraag waarom inlichtingendiensten deze niet op tijd hadden zien aankomen. Welke signalen hadden ze gemist? Met het boek van De Graaf en Drost in de hand zou je kunnen stellen dat Poetin talrijke signalen in die richting heeft afgegeven. Het ontbrak dus niet aan signalen, maar waarschijnlijk eerder aan het vermogen om deze op waarde te schatten. Misschien moeten we uitspraken van geradicaliseerde leiders als Poetin simpelweg vaker serieus nemen. 

 

Drs. Frank van Pelt, ministerie van Defensie

 

Poetins tsaristische droom

Geschiedenis als wapen in de Russische politiek

Beatrice de Graaf en Niels Drost

Amsterdam (Prometheus) 2026

272 blz. – ISBN 9789044658453

 

Poetins tsaristische droom

Over de auteur(s)

Gepubliceerd in