De Russische leider Vladimir Poetin voelde zich zichtbaar ongemakkelijk. De 9 mei-parade, die de overwinning op nazi-Duitsland viert, moest zonder incidenten plaatsvinden. In de aanloop naar de parade zinspeelde de Oekraïense president Volodymyr Zelensky op een onaangename verrassing. Oekraïense drones hadden al aangetoond heel Rusland binnen bereik te hebben. Aangezien Oekraïne terecht weinig trek had in een tijdelijk staakt-het-vuren op de Russische voorwaarden, vroeg Poetin aan zijn Amerikaanse ambtgenoot Donald Trump of hij wilde bemiddelen. Onder enige druk gunde Zelensky Poetin toch een tijdelijke staakt-het-vuren, en in een afgegeven verklaring werden precies de coördinaten en tijdstippen aangegeven waar Moskou met rust gelaten zou worden. De parade verliep uiteindelijk zonder incident, maar het gaf aan dat de rollen aan het veranderen waren. Bijna een maand later, tijdens een grote internationale economische conferentie in Sint-Petersburg – het zogeheten ‘Russische Davos’ – werden deelnemers geïmponeerd door een verrassings-keynote van de Oekraïense strijdkrachten. Op de eerste en laatste dag van de conferentie stegen grote rookpluimen op boven de stad. Meerdere drones hadden olieterminals en zelfs een oorlogsschip in het dok getroffen. In Kyiv daarentegen vergaderde tegelijkertijd voor het eerst de voltallige Noord-Atlantische Raad, in het kader van de ‘NATO Ukraine Council’; een ongekend teken van bondgenootschappelijke solidariteit met Oekraïne. 

 

Een half jaar geleden stond Oekraïne er slecht voor. Inmiddels is het tij gekeerd; zowel door externe als interne factoren, en zowel op land als in de lucht. In februari werd de Russische command & control aanzienlijk gedegradeerd doordat veel eenheden Starlink niet meer konden gebruiken. Het Russische verbod op het gebruik van Telegram hielp niet mee. Oekraïne wist de desertie van eigen troepen in te dammen en rekrutering te verbeteren, terwijl aan Russische zijde de maandelijkse verliezen de instroom begonnen te overstijgen. Beide landen hadden de productie van drones opgeschroefd, maar Oekraïne kan inzet beter integreren op het slagveld. Ook blijken hun drones over het algemeen van hogere kwaliteit dan het Russische materieel. Oekraïense deep strike heeft laten zien zeer effectief te zijn. Als straks de zelfontwikkelde ballistische- en kruisraketten uit de fabrieken komen, dan heeft de Russische luchtverdediging een nog grotere uitdaging. Hiernaast heeft het Oekraïense leger recent een zogenoemde ‘logistieke lockdown’ geïmplementeerd. Tot wel 200 kilometer achter de frontlinies zijn inmiddels honderden Russische vrachtwagens door drones uitgeschakeld. Zo wordt het bijna onmogelijk om de frontlinies te bevoorraden, en worden deze steeds brozer en kwetsbaarder.

 

Afgelopen twee tot drie jaar was de strijd cyclisch en voorspelbaar, met zomer en winteroffensieven waarbij Rusland incrementeel – weliswaar tegen een zeer hoge prijs – terrein won. Oekraïne is nu weer land aan het bevrijden, en Russische linies staan onder aanzienlijke druk. Zelfs de Krim lijkt binnen bereik van Oekraïne te komen. De hoop in Kyiv is omgeslagen in licht optimisme. Het leek ooit vanzelfsprekend dat Rusland, met zijn onuitputtelijke bron aan soldaten en militair materieel (weliswaar oud, maar nog steeds beter dan geen materieel), uiteindelijk zou zegevieren. Dat dacht Poetin immers ook; vandaar dat hij tot op heden geen interesse toonde in vredesbesprekingen. Dit zal waarschijnlijk op korte termijn veranderen, want ook de Russische economie begint te kraken. Er zijn indicaties dat in Moskou wordt nagedacht hoe het conflict te bevriezen – en natuurlijk hoe de eigen bevolking wijs te maken dat dit een enorme overwinning betreft. Het is goed nieuws dat Oekraïne er beter voor staat. Al kan het lot in oorlog snel omslaan, wordt het tijd voor de Oekraïners zich voor te bereiden op een volgende fase in het conflict. Dit zal waarschijnlijk met de nodige crises gepaard gaan, want als de Russische beer zich in een hoek gedreven voelt, dan staat één reactie vast: escaleren om te de-escaleren. 

 

Rusland escaleert graag horizontaal, door bijvoorbeeld hybride operaties – sabotage, cyberaanvallen, subversie – tegen de NAVO te intensiveren. Het doel is immers om eenheid te ondermijnen, zowel in de samenlevingen als binnen het bredere bondgenootschap. Hiernaast is zogeheten verticale escalatie ook een standaardreflex. Russische kopstukken (vooral vicevoorzitter van de nationale veiligheidsraad Dmitri Medvedev) doen niets liever dan dreigen met kernwapens. Westerse commentatoren hebben de neiging dit weg te wuiven: we moeten ons niet bang laten maken; Rusland zal nooit kernwapens gebruiken. Het eerste gedeelte van deze redenering klopt: Oekraïne en het Westen moeten zich vooral niet laten intimideren, en daarmee ‘zichzelf afschrikken’. Maar het tweede gedeelte van de stelling wordt onderschreven door Russische doctrine, logica en de aard van het beestje. In oktober 2022, na het eerste geslaagde Oekraïense tegenoffensief, overwoog de Russische top wel degelijk de inzet van tactische kernwapens. Dit heeft niet plaatsgevonden, waarschijnlijk mede door Chinese druk, een scherpe Amerikaanse waarschuwing dat zij overweldigend militair (conventioneel) zouden reageren, en omdat uiteindelijk de Russische linies standhielden. Mochten de verdedigingslinies bij de Krim ooit volledig instorten, dan is inzet van Russische tactische kernwapens een reëel risico. Behoud van de Krim is immers essentieel voor Poetins regime. Bovendien, wie niet wakker ligt van het verlies van meer dan een half miljoen eigen soldaten, zal ook niet onrustig slapen van enkele kleine kernexplosies. Het is van belang dat men zich weer gaat voorbereiden om dit scenario af te schrikken, want wellicht werken de vorige drukmiddelen niet meer.  

 

In een uitputtingsslag van meer dan vier jaar zijn niet alleen frontlinies statisch en weinig beweeglijk, maar ook het denken dreigt dit te worden. Tijdens oorlogen overheerst vanzelfsprekend de reflex om zich te richten op tactische kansen en mogelijkheden, en om strategische doelstellingen uit het oog te verliezen. In deze oorlog ligt het voor de hand dat vroeg of laat een of beide partijen uitgeput raken, en dan kunnen ontwikkelingen snel onverwachte wendingen nemen. Ernest Hemingway beschreef ooit dat iemand op twee manieren failliet gaat: eerst geleidelijk, en daarna plotseling. In figuurlijke zin neemt voor Rusland dit risico nu snel toe. Poetin heeft de oorlog zo centraal gemaakt in zijn beleid en ideologie, dat het einde van het conflict weleens het einde van zijn regime zou kunnen betekenen. Het is daarom belangrijk dat westerse hoofdsteden en de Noord-Atlantische Raad hun denken en scenarioplanning verbreden. Het gaat nu even niet om meer steun, lessons learned en strategische communicatie, maar juist om het goed reflecteren over welke wendingen het conflict kan nemen, en hoe hierop te reageren. Kortom, het identificeren van wild cards, het doortrekken van bepaalde trends en drivers, en het analyseren hoe de politiek zowel in Kyiv als Moskou zou kunnen reageren op bepaalde ontwikkelingen. Niet voorspellen, maar het intellectueel, mentaal en beleidsmatig voorbereiden op een nieuwe, onverwachte fase van de strijd. Het blijft lastig in te schatten hoe het conflict zich verder ontwikkelt, maar het staat in ieder geval vast dat Poetin er vaker ongemakkelijk bij zal lopen.

Over de auteur(s)

Mr. dr. Sergei Boeke

Sergei Boeke is Politiek Adviseur bij het Joint Support and Enabling Command.

Gepubliceerd in